Grijze snorharen: omgaan met de oudere kat

Grijze en wijze snorharen…

Het is absoluut heel fijn om oudere katten in huis te hebben, je voelt gewoon dat deze veel meer wijsheid hebben dan jonge enthousiastelingen. Iedere leeftijdsstadium heeft zo zijn voor- en nadelen maar als je het geluk hebt om je katten verschillende decennia te kunnen houden merk je met de jaren dat je jong onbezonnen kitten wijze grijze snorharen krijgt :-). De leeftijd brengt ook enkele aanpassingen met zich mee en zal bij iedere kat wat verschillend zijn.

Katten vanaf 10-15 jaar worden beschouwd als SENIOR. Ouder dan 15 jaar zijn dit GERIATRISCHE katjes geworden.

De gemiddelde ouderdom van katten is tegenwoordig al 15 jaar! Dit heeft te maken met de goede zorgen van liefhebbende baasjes, medische ondersteuning, goede voeding en een veiligere leefomgeving.

Om de leeftijd van een kat in mensenjaren te berekenen, kan u volgende formule gebruiken:

2 jaar komt overeen met 24 jaar voor een mens. Ieder extra jaar telt voor een kat als +4 extra jaar. Een kat van 10 jaar is als een persoon van 56 jaar.

Dit kan u helpen om een beter beeld te geven van de noden van een kat als u weet hoe een persoon van die leeftijd evolueert.

Normale ouderdomsverschijnselen bij katten zullen doorgaans geleidelijk verschijnen. Deze worden veroorzaakt door fysiologische veranderingen. Dit kan zich gaan uiten in verminderd reukvermogen, gehoor, zicht en smaak. Oudere katten zijn ook vatbaarder voor stress en hebben een verminderde immuniteit. Door die fysiologische veranderingen vindt er ook een verandering plaats in de vertering van voeding waardoor aangepaste voeding aan te raden is (op advies van je dierenarts). Ze kunnen een minder goede bloeddoorstroming krijgen en gevoeliger worden voor koude!

Katten zijn meesters in het verbergen van pijn en ziekte van jongs af aan. Ze zullen instinctief zo weinig mogelijk signalen geven dat er iets mis is. Dit is een beschermingsmechanisme om er niet uitgepikt te worden als ‘zwak’.  Dit heeft te maken met het feit dat katten zowel roofdieren als prooidieren zijn. Meestal komen medische problemen dan maar aan het licht wanneer de kat al een tijd met pijn en ongemakken rondloopt.

Vanaf de leeftijd van 10 jaar verhoogt de kans op allerlei aandoeningen (Schildklier, nieraandoeningen, suikerziekte, hart- en vaatziekten, kanker, tandproblemen …). Dit staat los van de normale ouderdomsverschijnselen die kunnen plaats vinden. Een regelmatige algemene controle maar ook een bloed- en urineonderzoek (jaarlijks!) zijn dan zeker aangeraden. De symptomen kunnen zich traag ontwikkelen, wat herkennen ervan moeilijker maakt. Indien een chronische aandoening wordt gedetecteerd zijn zelfs halfjaarlijkse controles aan te raden.

Typische signalen dat een dierenartsbezoek dringend wordt, zijn o.a. veel drinken, veel plassen, onzindelijkheid, (nachtelijk) miauwen,…!

Het is niet omdat een kat gewoon blijft eten en drinken dat er niets mis kan zijn.

Uit onderzoek is gebleken dat bij  90% van de katten boven de leeftijd van 12 jaar, artritis zichtbaar was op RX. Artritis zorgt er voor dat de gewrichten beginnen af te takelen met als gevolg een verminderde beweeglijkheid en (veel)pijn!

Een andere voorkomende aandoening typisch voor oudere katten is cognitieve dysfunctie/dementie. Daarbij vindt er een opstapeling van een bepaald eiwit in de hersencellen plaats met als gevolg een mentale achteruitgang.

De aandoening zou voorkomen vanaf de seniorleeftijd maar vooral te vinden zijn bij geriatrische katten vanaf 15 jaar.

De symptomen van cognitieve dysfuntie zijn als volgt:

  • Desoriëntatie
  • Veranderingen in sociaal gedrag
  • Veranderd slaapritme (miauwen!)
  • Onzindelijkheid
  • Repetitief gedrag
  • Angst
  • Verminderde eetlust/wasgedrag

Men durft er vaak van uit gaan dat een oudere kat die ongewenst gedrag begint te vertonen gewoon een beetje dement wordt en verder wordt er dan niets meer gedaan. Fout!

Dementie is een uitsluitingsdiagnose. Dementie wordt gediagnosticeerd na uitsluiting van alle andere ouderdomsverschijnselen en andere medische oorzaken.

Dit wil zeggen dat je kat eerst GRONDIG moet onderzocht worden door je dierenarts (die zal o.a. bloed, urine nemen) om uit te sluiten of er niets anders aan de hand is (medisch of andere ouderdomsverschijnselen). Een eigenaar kan nooit zelf de veronderstelling maken dat een kat dement is zonder verder onderzoek. De eigenaar is wel de best geplaatste persoon om vast te stellen dat de kat een ander gedrag dan anders vertoont.

Ieder symptoom van dementie kan namelijk veroorzaakt worden door iets anders bvb miauwen door een schildklierprobleem of bvb doofheid. Miauwen is een heel typische klacht bij oudere katten. Onzindelijkheid kan met een nierprobleem te maken hebben of met gewrichtsklachten! Angst met iedere oorzaak die voor pijn of ongemak kan zorgen. Desoriëntatie kan met blindheid te maken hebben enzovoort…

Cognitieve dysfunctie is niet te genezen. Men kan het proces van aftakeling wel vertragen en de cognitieve functie proberen behouden aan de hand van management, extra verrijking, aangepaste voeding, voedingssupplementen en eventueel medicatie.

TOEPASSINGEN

Onderstaande tips zijn aan te raden bij oudere katten welke ouderdomsverschijnselen beginnen te vertonen, beperkingen hebben maar ook bij katten met dementie.

Toegankelijkheid

  • Maak alles waar je kat vroeger gebruik van maakte toegankelijker door trapjes te voorzien of meubels te verzetten zodanig dat de kat toch nog op zijn favoriete plekje raakt met behulp van een tussen stapje. Mogelijks raakt je kat daar nu gewoon niet meer.
  • Voorzie tapijt (kortharig en/of langharig zonder lussen) zodat (oudere) katten een betere grip hebben op de vloer. Dit is vooral  belangrijk bij gladde ondergronden zoals laminaat, gladde tegelvloer, parket e.d. .maar ook op kasten waar de kat misschien graag op vertoefde.
  • Let op de instap van de kattenbak (deze is best zo laag mogelijk), voorzie op iedere verdieping een kattenbak (proper, aangenaam).

Verzorging

  • Indien de kat problemen heeft met eten door verminderd smaak en/of reukvermogen dan kan er geprobeerd worden de kat te stimuleren met eten door bvb het eten op te warmen, het in verschillende kleine hoeveelheden op een dag aan te bieden, eten af te wisselen of bvb de kat aandacht te geven tijdens het eten en voeding uit de hand te laten eten. Zet het eten op een rustige plaats neer (doorgaans is dit niet de keuken).
  • Let op de lengte van de nagels. Door verminderde beweeglijkheid kan de kat minder goed krabben en daarbij verslappen de spieren die de nagels bij de kat normaal gezien ingetrokken houden.
  • Zorg voor warmte! Toegankelijkheid bij verwarming of extra warmte voorzien door dekentjes, kersenpitkussentjes of eventueel zelfs een thermisch kussen zoals bvb een flectabed
  • Plaats de voorzieningen van katten niet in koude ruimtes zoals garage, washok of kelder.
  • Stimuleer je kat om te drinken (waterbakjes langs wandelroute, vers water, afwisseling in type water) maar wees alert op overmatig drinkgedrag (melden aan dierenarts!)
  • Help de kat zijn vacht te verzorgen met een zachte borstel. Harde borstels doen misschien pijn op de knokige botten van de kat.

Veiligheid

  • Voorzie horizontale krabmogelijkheden zodat de kat toch nog zijn eigen geur in de omgeving kan aanbrengen aan de hand van krabsporen.
  • Voorzie zo veel mogelijk routine.
  • Vermijd grote veranderingen zoals bvb een nieuw (jong) dier erbij nemen
  • Voer veranderingen geleidelijk aan in.
  • Vermijd om gebruikte kattenvoorzieningen zomaar te wijzigen. Plaats indien wijzigen noodzakelijk is, eerst extra voorzieningen bij om na te gaan of de kat de nieuwe voorzieningen ook gebruikt en weet te vinden.
  • Bied feromonen aan nabij een voor de kat geliefde slaap/verstopplaats
  • Let er op dat de kat nog veilig buiten kan, zijn de zintuigen niet te veel aangetast (horen, zien?)
  • Jaag vreemde katten weg uit je tuin, help je kat zijn territorium te verdedigen wanneer dat iets moeilijker gaat.
  • Samen wandelen in de tuin kan de kat motiveren om toch nog naar buiten te gaan
  • Katten die blind en/of doof worden hebben misschien baat bij een nachtlampje of zachte muziek op de achtergrond in de nacht.

Bewegen

  • Blijf je kat motiveren om te spelen en te bewegen (hengels, trappelkussens!)

En vooral wees geduldig met je oude wijze viervoeter als het eens wat minder gaat, probeer te zoeken naar de oorzaak is van wat anders loopt. Straffen of boos worden heeft absoluut geen zin en kan alleen maar de relatie tussen u en je kat verpesten.

De hulp en het advies van je dierenarts is cruciaal! Indien een diagnose gesteld is en omgevingaanpassingen kunnen helpen, dan is een gedragstherapeut aangewezen om samen met u die aanpassingen te helpen maken.

Aanpassingen zijn doorgaans nodig op maat van de individuele kat en afhankelijk van de beperking of aandoening die de kat heeft.